Veilig op de weg

In 2014 zijn 570 mensen omgekomen door verkeersongevallen in Nederland. Na de forse daling van 12 procent in 2013, is het aantal verkeersdoden in 2014 gelijk gebleven. Dit blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en Rijkswaterstaat, onderdeel van het ministerie van Infrastructuur en Milieu.

Het is daardoor niet onbelangrijk stil te staan bij veiligheid op de weg. Deze pagina gaat in op de onderwerpen die op elke bestuurder van toepassing zijn.

Op deze pagina vindt je informatie over:

  • Hoe je je rit veiliger kan laten verlopen
  • Waar je op moet letten bij rijden met slecht weer
  • Wat je kan doen als je betrokken bent bij een ongeval
  • Wat je kan doen om de kans op een autoinbraak te verkleinen

Tips en trucs voor een veilige rit

Een ongeluk zit in een klein hoekje, ook op de weg. Ongevallen op de weg zijn natuurlijk te beperken als iedereen zich aan de verkeersregels houdt, op de snelheid let en de autogordels draagt. Maar veilig autorijden is meer. Het is een heleboel dingen tegelijk.

Daarom hieronder negen tips die kunnen bijdragen aan de veiligheid van jezelf en die van je andere bestuurders:

1. Zorg er voor dat je verkeerskennis op pijl is en blijft.

Geregeld vervallen of wijzigen er verkeersregels en –borden en komen er nieuwe bij. 

2. Ga uitgerust en in goede conditie van huis.

Dat je in het verkeer geen drugs en liever ook geen alcohol moet gebruiken is bekend. Maar wees ook attent op medicijnen die de rijvaardigheid kunnen beïnvloeden. Dit staat altijd aangegeven op de bijsluiter.

3. Zorg er voor dat je auto volledig in orde is, ook als het een auto van een ander is.

Zorg voor functionerende remmen, een schone voorruit en banden met genoeg profiel en bandenspanning. Rijd niet door als er een waarschuwingslampje gaat branden. Dat brand namelijk niet voor niets!

4. Zorg voor een zonnebril (op sterkte), een reservebril en hulpmiddelen die handig, en soms zelfs levensreddend kunnen zijn bij pech of een ongeval.

Denk aan bijvoorbeeld een veiligheidshesje, een verbanddoos, brandblusser en veiligheidshamer. Dergelijke zaken zijn in Nederland niet verplicht, maar in veel andere landen wel. Ook praktisch bij pech zijn een deken en een paraplu.

5. Berg losse spullen goed op.

Losse spullen, van groot tot klein, zullen in de rondte gaan als je een noodremming maakt of in een ongeval raakt. Het worden daarmee gevaarlijke projectielen die flink schade kunnen veroorzaken. Zorg er dan ook voor dat alle spullen opgeborgen zijn of zijn vastgezet.

6. Probeer bij pech juist niet op de vluchtstrook te blijven maar rijdt, als dat even kan, naar een parkeerplaats of andere uitwijkmogelijkheid. 

Kan je met je voertuig niet van de vluchtstrook of pechplaats weg, ga dan zo snel mogelijk met alle inzittenden achter de vangrail staan. Vergeet daarbij ook eventuele huisdieren niet.

7. Bel niet in de auto, zelfs niet handsfree. 

Uit onderzoek van SWOV blijkt dat 30 tot 35 mensen jaarlijks overlijden in het verkeer als rechtstreeks gevolg van bellen in de auto. Daarbij maakt het niet uit of men de telefoon in de hand heeft of handsfree belt. En wie denkt dat de meeste ongevallen gebeuren tijdens het bellen heeft het mis. De momenten voor of na het plegen van een telefoontje blijken gevaarlijk. 

8. Trek je eigen plan op de weg. 

Ongelukken kunnen ontstaan doordat mensen met aantal auto's achter elkaar aanrijden op weg naar bijvoorbeeld een wedstrijd of bijeenkomst. De voorste automobilist wordt afgeleid omdat hij in de gaten wil houden of mensen nog volgen. Voor de achterste is het lastig bij te blijven. Dit kan zorgen voor afleiding omdat deze vooral bezig is om bij de groep te blijven. 

9. Rijd defensief. Kijk ver vooruit en houd rekening met de fouten van anderen.

Menselijk falen is verantwoordelijk voor 90 procent van alle ongevallen. Bedenk dat iedereen fouten kan maken en verwacht het onverwachte. Houd rekening met fietsers, voetgangers, ouderen en kinderen. Houd je daarom ook aan de maximum snelheid. Die is zodanig bepaald dat je genoeg reactie tijd hebt als dat nodig is.

Laat je niet opjagen en houd voldoende afstand. Bumperkleven  is een van de belangrijkste ergernissen op de weg, net als onnodig links rijden.  Ga dus na het inhalen weer op tijd naar rechts. Gebruik daarbij altijd je knipperlicht, zodat de andere weggebruikers hierop kunnen anticiperen.


Wat te doen als je betrokken raakt bij een auto ongeval?

Als je betrokken raakt bij een auto ongeval, kijk dan als eerste of iedereen die bij je in de wagen zit ongedeerd is. Als er een ander voertuig betrokken is, kijk dan ook of daar of in de omgeving iedereen ongedeerd is.

Zijn er gewonden, alarmeer dan direct via 112 de hulpdiensten. Geef daarbij duidelijk aan waar je bent en wat er aan de hand is.

Let verder op de volgende vijf punten:

Blijf bij het ongeval. Het verlaten van een ongeval is strafbaar. Daarnaast kan je wellicht eerste hulp verlenen.

Allarmeer de hulpdiensten als dit noodzakelijk is. Dat kan ook als er geen gewonden zijn, maar de onstane verkeerssituatie een gevaar op levert voor jezelf of het overige verkeer.

Zet het ongeval af met bijvoorbeeld de bekende gevarendriehoek. Let daarbij wel op je eigen veiligheid!

Laat je niet verleiden tot een verhitte discussie over wie de schuldige is. Vul gezamenlijk het schadeformulier in en laat de schuldvraag over aan de verzekeringsmaatschappijen.

Neem contact op met je eigen verzekeringsmaatschappij en geef door wat er is gebeurt. Zij zullen je tevens voorzien van instructies ten aanzien van de afhandeling van het ongeval en zullen meedenken over de eventuele afvoer van je voertuig en vervangend vervoer.

Slecht weer in het verkeer

Wat doe je als verkeersdeelnemer als het KNMI code geel of oranje afgeeft voor slecht weer? De meeste deelnemers passen hun gedrag hierop aan. Toch blijkt uit verschillende onderzoeken dat het aantal verkeersongevallen verdubbelt in het najaar (herfst- en wintermaanden). Vooral hevige regenval vergroot de kans op een auto-ongeluk aanzienlijk.

Beperkt zicht en beperkte grip

Bij regen kunnen deelnemers onder andere last krijgen van beperkt zicht.

Het SWOV publiceerde in 2012 een onderzoek waaruit blijkt dat bij hevige regenval het zicht kan teruglopen tot 50 meter. Ook beslagen ruiten, die veroorzaakt worden door de luchtvochtigheid tijdens de regen en het spatwater van ander verkeer kunnen het zicht sterk verminderen.

Wanneer het regent in het donker kan verblinding ontstaan, doordat het licht van tegenliggers weerkaatst op het natte wegdek. Door mist ontstaat ook een vermindering van het zicht voor de verkeersdeelnemers. Die gaan hierdoor vaak langzamer rijden, maar ook dichter op hun voorganger, waardoor de kans op ongevallen alsnog groeit. Maar denk bij verminderd zicht ook aan de stand van de zon, deze staat lager in het najaar. Ook dit vraagt meer oplettendheid.

Beperkte grip van autobanden is een tweede gevolg van slecht weer in het verkeer. Bij regen kan bijvoorbeeld aquaplaning ontstaan, waarbij een voertuig kan gaan slippen. En naarmate er meer regen valt, kan de frictie van het wegdek afnemen. Ook kunnen er tijdens de herfst bladeren, zand of klei op de weg liggen, wat slippen of een langere remweg tot gevolg kan hebben.

Hoe kan je letselschade bij slecht weer voorkomen?

  • Zorg dat je goed zichtbaar bent voor de andere verkeersdeelnemers. Je voertuigverlichting moet in orde zijn. Denk eraan dat fietsers, voetgangers en scooterrijders in het najaar minder goed zichtbaar zijn.
  • Zorg dat je spiegels en ruiten goed schoon zijn.
  • Zorg dat je ruitenwissers goed werken.
  • Controleer het profiel van je banden.
  • Pas je snelheid aan. Let hierbij op de weg- en weerssituatie.
  • Zorg dat je tijdig kunt remmen en dat uw remmen naar behoren werken.

Het is geen overbodige luxe om je auto een volledige herfst/winterbeurt te geven. Niemand wil in het ziekenhuis belanden of zit te wachten op een ongeluk. 


Wat kan je tegen auto inbraak doen?

Ondanks een significante daling van het aantal autoinbraken, komt de teller nog steeds neer op zo'n 100.000 gevallen per jaar. Dat staat nog los van het aantal autodiefstallen zelf, dat blijft hangen rond de 10.000 per jaar.

Autoinbraken gebeuren dus elke dag. Maar maak het dan in ieder geval niet te makkelijk door waardevolle spullen in het zicht te laten liggen. 

Wat ze niet zien, daagt ze ook niet uit om te pakken te krijgen

Dieven die gebruik maken van het 'inslaan en grijp' principe, zijn meestal niet de criminele meesterbreinen. De meesten zijn gelegenheidsdieven, die hun slag slaan wanneer ze toevallig langslopen. Ze werken meestal niet met een vooropgezet plan, maar reageren impulsief. Ze zien iets waardevols liggen, slaan een raampje in, grijpen het en gaan er vandoor. Bewaar daarvoor je waardevolle bezittingen nooit in de auto, of anders in ieder geval uit het zicht en niet, zoals je veel ziet, op de de bijrijdersstoel, op het dashboard of op de vloer... Denk dan bijvoorbeeld aan:

  • (Hand)tassen en portofeuilles
  • Laptops/laptoptassen, koffertjes en rugzakken
  • Winkeltassen
  • Mobiele telefoons, MP3 spelers of andere elektronica
  • Los geld
  • Sleutels

Laat dieven zich ongemakkelijk voelen

De meeste diefstallen uit voertuigen gebeuren door eenlingen. Het laatste waar zij zitten te wachten zijn toeschouwers met mobieltjes in de aanslag. Probeer dan ook je voertuig opvallend weg te zetten:

  • Parkeer op drukke plekken, bij voorkeur nabij plekken waar veel voetgangers komen.
  • In het geval je langdurig weg bent en pas laat terug zal zijn, parkeer dan op een plek die goed verlicht is
  • Parkeer bij vooorkeur op een bewaakte parkeeplaats of in een bewaakte parkeergarage

Geef het ze niet kado

Dieven gaan veelal voor de snelle winst met een minimum aan moeite die ze er voor moeten doen. Door het de dief moeilijker te maken, vergroot je de kans dat ze je voertuig voorbij lopen. Daarom:

  • Sluit altijd deuren en ramen
  • Activeer altijd je alarmsysteem
  • Gebruik het slot (indien aanwezig) van het dashboard kastje
  • Getinte ramen beperken het zicht naar binnen. Let wel, dit is in Nederland aan strikte regels gebonden.
  • Laat je sleutels niet in het voertuig, ook niet eventjes.

Wees alert

Zie je iets verdachts? Luister dan naar je gevoel. Wees daarbij geen held en zorg voor je eigen veiligheid. Bel desnoods met de politie om je te komen helpen.