Veilig op je werk

Bij veiligheid op het werk is een onderscheid te maken in de wettelijke veiligheidseisen vanuit de Arbeidsomstandighedenwet (de safety) en de veiligheid gezien vanuit een criminele grondslag (security of beveiliging).

Beide vormen zijn op deze pagina benoemd en uitgediept.


Safety op de werkplek

Met safety wordt de Arbo-veiligheid van je werkplek bedoeld. Hoe veilig is jouw werkplek dan? Stel deze belangrijke vragen om het zeker te weten.


  1. Worden werknemers geïnformeerd over de risico’s en hun verantwoordelijkheden? Vanaf het allereerste sollicitatiegesprek moet duidelijk zijn welke risico’ser aan het werk verbonden zijn. Het is niet voldoende dat ze even terloops worden genoemd. Werknemers moeten tot in detail weten waar ze aan beginnen. 
  2. Worden mensen aangenomen zonder dat beschikken ze over de diploma’s, vergunningen of certificaten die nodig zijn voor het werk? Certificering is niet alleen belangrijk om te garanderen dat het werk voldoet aan kwaliteitseisen, maar moet primair zorgen dat werknemers veilig werken, zodat zij niet alleen zichzelf, maar ook hun collega’s niet in gevaar brengen. 
  3. Mogen mensen nieuwe taken vervullen zonder dat ze goed zijn ingewerkt of getraind? Wie verwacht dat werknemers dingen zelf wel uitvinden, neemt onaanvaardbare risico’s wanneer er wordt gewerkt met bijvoorbeeld gevaarlijke stoffen of machines. 
  4. Zijn de veiligheidsprocedures duidelijk en bekend? Niet alleen moeten werknemers weten wat er in de rapportage 'Risicoinventarisatie & Evaluatie' (RI&E) staat, er moet ook duidelijke en begrijpelijke informatie zijn over wat te doen in een noodsituatie. Deze informatie moet up to date worden gehouden en altijd toegankelijk zijn voor de werknemers. 
  5. Zijn er goede persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) beschikbaar? Doe zelf onderzoek om je ervan te verzekeren dat de PBM die ter beschikking worden gesteld van goede kwaliteit zijn. De werkgever moet er zorg voor dragen dat werknemers weten hoe ze de PBM moeten gebruiken en dit ook daadwerkelijk doen.
  6. Worden er regelmatig veiligheidsscans gehouden? Veiligheidsscans zorgen er voor dat de veiligheids standaards op niveau blijven en materiaal en middelen aan de eisen voldoen.
  7. Is ‘veiligheid eerst’ het motto van de organisatie? Hiermee krijgt veiligheid te allen tijde de voorkeur, ook als dit effect heeft op het behalen van de doelstellingen of targets.
  8. Laat je werkgever het goede voorbeeld zien? Ondanks je eigen verantwoordelijkheid, kan je werkgever niet van je verwachten dat je je aan de regels houdt, als hij/zij dit zelf ook niet doet.

Ondanks de (wettelijke) verantwoordelijkheid van je werkgever, blijft het natuurlijk wel je eigen verantwoordelijkheid om op de hoogte te zijn en te blijven van de veiligheidssituatie binnen je organisatie en een melding te maken van onveilige situaties.


Bedrijfshulpverlening

Er bestaat veel onduidelijkheid over de wetten en regels met betrekking op de Bedrijfhulpverlening (BHV) organisatie binnen bedrijven.
Natuurlijk is het belangrijk om de BHV organisatie op orde te hebben. Een bedrijf kan hierop worden gecontrolleerd door bijvoorbeeld de Arbodienst, de arbeidsinspectie of de plaatselijke brandweer.

De BHV verplichting in de arbowet

De regels met betrekking op BHV op de werkvloer worden beschreven in de Arbowet.
In Artikel 3 van deze Arbowet wordt omschreven wat de verplichtingen voor de ondernemer zijn. De werkgever is verplicht om goed voorbereid te zijn op ongevallen, brand en een eventuele (gedeeltelijke) ontruiming. De werkgever mag deze taken zelf uitvoeren.

In Arikel 15 van dezelfde Arbowet staat vermeld dat de werkgever zich mag laten ondersteunen door deskundige BHV’ers. Ook wordt hier beschreven wat de taken van de BHV’ers zijn en de verplichting tot opleiden van de BHV’ers binnen het bedrijf.

BHV voor elk bedrijf

BHV is dus verplicht voor ieder bedrijf. Vaak ontstaat het misverstand dat een eenmanszaak geen BHV hoeft te hebben.
Dit is niet geheel waar. Als het een eenmanszaak betreft waar geen bezoekers of klanten komen, dus dat de eigenaar alleen werkt, is de BHV inderdaad niet verplicht. Bent u echter eigenaar van een eenmanszaak, maar ontvangt u wel klanten, vertegenwoordigers of heeft u een keer in de zoveel tijd een vakantiekracht, bent u verplicht BHV te hebben. Wel is het zo dat deze BHV verplichting heel beperkt zou kunnen zijn. Je moet simpelweg adequaat en doeltreffend kunnen handelen als er wat gebeurd. Om je hierbij te ondersteunen zou in sommige gevallen een BHV cursus via internet voldoende zijn. Let ! Wanneer je achteraf niet doeltreffend blijkt te kunnen handelen, ben je persoonlijk aansprakelijk en zou justitie tot strafrechtelijke vervolging over kunnen gaan.

Taken van de BHV’er

Een BHV’er biedt hulp als er op de werkvloer een incident is. Dit kan bijvoorbeeld een ongeluk met een werknemer of gast zijn, een beginnende brand of een ontruiming.
Volgens de Arbowet, Artikel 15 horen de volgende taken bij een BHV’er:

  • Het verlenen van eerste hulp bij ongevallen.
  • Het beperken en bestrijden van brand en het beperken van de gevolgen van ongevallen.
  • Het in een noodsituatie alarmeren en evacueren van alle werknemers en andere personen in het bedrijf of inrichting.


Een correct opgeleide BHV’er kan in veel situaties adequaat reageren. Tot het takenpakket horen bijvoorbeeld iemand uit een brandend pand helpen, eerste hulp verlenen aan iemand die zich heeft gesneden, maar ook reanimeren van een persoon.

Hoeveel BHV’ers?

Iedereen kan BHV’er worden. Je moet hier wel geschikt voor zijn, oftewel om kunnen gaan met (ernstige) incidenten. Buiten de verplichting dat er ten minste 1 BHV'er moet zijn, adviseren wij dat er te allen tijde 2 BHV'ers zijn. Ook een BHV'er kan ziek worden of gaat wel eens op vakantie. 

Als je wilt kijken hoeveel BHV’ers u nodig heeft binnen je bedrijf, dien je rekening te houden met een aantal dingen.

  • De algemene en specifieke (restr)isico’s
  • De in het bedrijf aanwezige personen en hun mate van zelfredzaamheid
  • Beschikbaarheid en opkomsttijd van de professionele hulpdiensten
  • De aard, grootte van het gebouw
  • Externe risico’s

Security op de werkplek

Als je op je werk een keer te maken krijgt met interne of externe criminaliteit dan is het prettig als je weet wat je te doen staat. Denk bij interne criminaliteit aan bijvoorbeeld diefstal en fraude. Bij externe criminlaiteit moet je denken aan bijvoorbeeld bedreiging, vandalisme, verdachte post, bommelding of (niet meer ondenkbaar in deze tijd) een 'active shooter'. Voor elk scenario hoort de werkgever een procedure te hebben waardoor iedereen weet wat er te doen staat.

In het kort nemen we hieronder de balangrijkste bijzonderheden door ten aanzien van:

  • Verdachte enveloppen en pakketten
  • Bommeldingen

Verdachte envelop of pakket

Het gebeurt helaas steeds vaker dat mensen hun ongenoegen uiten door een persoon of bedrijf te bedreigen met brieven of pakketen met een verdachte inhoud. Veelal is de inhoud ongevaarlijk (terwijl je dit niet altijd kan zien), maar er zijn ook voorbeelden dat de inhoud wel gevaarlijk bleek. Het is dan belangrijk om goed op te letten bij de omgang met enveloppen en pakketten.

Waar kan je een mogelijk verdachte envelop of pakket aan herkennen?

  • Heeft het pakket of de envelop een ongewoon gewicht of rare vorm?
  • Is het pakket of de envelop afkomstig van iemand die niet bekend is?
  • Ontbreekt het retouradres of staat er een retouradres op dat niet bestaat?
  • Is de adressering onjuist of niet volledig?
  • Is het geadresseerd aan iemand die niet (meer) werkzaam is bij de organisatie?
  • Is het soms voorzien van opschriften als “persoonlijk” of “vertrouwelijk”?
  • Zitten er uitstekende draden aan, ruikt het vreemd of heeft het vreemde plekken?
  • Is er overdreven veel verpakkingsmateriaal, zoals plakband, touw etc. gebruikt?
  • Is er een tikkend geluid of ander geluid van bijvoorbeeld gruis/korrels waarneembaar?

Elk zijn idicatoren dat er wellicht iets meer aan de hand is. Twijfel je? neem dan in ieder geval geen risico.



Wat te doen bij ontvangst van een verdachte envelop of pakket?

  • Open de envelop of het pakket niet en raak het ook niet (meer) aan
  • Verlaat de ruimte en laat onder geen beding andere personen meer toe
  • Informeer je leidinggevende, de beveiliging of, indien onbereikbaar, de politie.
  • Wacht voor of dichtbij de ruimte op hulp.
  • Maak een lijst van personen die met de envelop of het pakket in aanraking zijn geweest.
  • In geval van poeder was handen met water en zeep om verspreiding te voorkomen.
  • Volg alleen instructies op van het bevoegd gezag (politie/GGD/calamiteitencoördinator).

Bommelding

Met een bommelding wil iemand aandacht vragen voor een specifiek doel. Soms is dat politiek georienteerd, soms gericht op een persoon, maar in de meeste gevallen is het gericht tegen het bedrijf waar de bommelding wordt gedaan.

Niet iedereen zal zo maar worden geconfronteerd met een bommelding. Toch is het goed om te weten waar je op moet letten.

Soorten bommeldingen

In geval van een bommelding zijn de volgende meldingen te onderscheiden:

  1. telefonische meldingen
  2. schriftelijke / papieren meldingen
  3. digitale (e-mail / internetsites) meldingen
  4. observatie meldingen


1. Telefonische bommelding

Indien een telefonische bommelding wordt ontvangen, is het voor het politie onderzoek van groot belang dat de melding wordt opgenomen en vastgelegd, dit i.v.m. het onderzoek.

Voor de identificatie van de melder is het van belang dat degene die de melding ontvangt zoveel mogelijk antwoorden op de vragen van de checklist weet te krijgen en deze antwoorden zo snel mogelijk vastlegt direct nadat het telefoongesprek is beëindigd of indien mogelijk tijdens het gesprek.

2. Schriftelijke bommelding

Wanneer de bommelding schriftelijk wordt gedaan, is het van groot belang dat dit document in zo min mogelijk handen komt. Het document dient dan ook direct in een schone oftewel nieuwe map of plastic zak gedaan te worden, zodat geen sporen zoals o.a. vingerafdrukken en/of DNA worden vernietigd (contaminatie van sporen).

Indien dat niet mogelijk zijn, dient de brief niet te worden aangeraakt en dient iedereen uit de buurt te worden gehouden. Van diegenen die het document in handen hebben gehad moet de naam en telefoonnummer genoteerd worden.

3. Digitale internetmelding

Een digitale bommelding kan plaatsvinden via bijvoorbeeld e-mail en via sites op het internet. De plaats van de desbetreffende site dient zorgvuldig genoteerd te worden en de e-mails dienen zo opgeslagen te worden dat deze snel op verzoek aan 'de autoriteiten' overgedragen kunnen worden.

4. Melding door observatie

Door waarneming van een verdacht object, o.a. een verlaten tas of koffer, is het van belang de exacte plaats hiervan zo snel mogelijk door te geven.